Beslissende slag in Oekraïne

Iets meer dan 300 jaar geleden werd bij het Oekraïense stadje Poltava een beslissende veldslag uitgevochten. De Zweedse koning Karel XII dacht dat hij de Russische tsaar Peter de Grote kon verslaan en rukte op naar Moskou. Maar hij had zich verkeken op de barre Russische winter en de schier oneindige voorraad dienstplichtigen waar de tsaar uit kon putten.

Op 27 juni 1709 delfde Karel het onderspit. Het was een keerpunt in de Grote Noordse Oorlog én in de Europese geschiedenis. De Slag bij Poltava markeerde het begin van de Russische hegemonie in Oost-Europa. Rusland betrad definitief het Europese toneel. Niemand kon meer om Peter de Grote en zijn latere erfgenamen heen. Oost-Europa lag na de veldslag in de Russische invloedssfeer.

Het verhaal van de Slag bij Poltava is deze maand de coverstory van het Historisch Nieuwsblad, dat zijn naam met het oog op de actualiteit weer eens eer aandoet. Want ja, zelfs ‘Poltava’ spookt rond in Poetins hoofd.

Broodmand Oekraïne

‘Brood voor het Moederland’, zo is te lezen op deze propagandaposter uit de Sovjet-Unie. Dat brood werd grotendeels gebakken met Oekraïens graan. Vandaag de dag zijn Oekraïne en Rusland samen goed voor meer dan een kwart van de wereldwijde productie van tarwe. En dat geldt ook voor bijna twee derde van de zonnebloemolie in de wereld en een kwart van het koolzaad.

Maar nu rijden er geen tractoren maar tanks over de Oekraïense akkers, liggen havensteden als Marioepol onder vuur, en heeft Rusland de export van graan opgeschort. De oorlog in Oekraïne leidt nu al tot stijgende voedselprijzen en tekorten.

De reputatie van Oekraïne als ‘graanschuur van Europa’ gaat eeuwen terug. Hij vloeit voort uit de chernozem, de extreem vruchtbare ‘zwarte aarde’. Maar juist deze bron van rijkdom is één van de redenen dat tsaren en dictators hun handen niet af konden houden van Oekraïne. Bij VPRO OVT op NPO Radio 1 ging ik in op de vraag of de zwarte aarde een zegen of een vloek is:

Er zijn stemmen die zeggen dat het Poetin net als Stalin en Hitler allemaal om de zwarte aarde van Oekraïne te doen is. Met klimaatverandering in het achterhoofd zou hij door het inlijven van Oekraïense landbouwgrond een belangrijk deel van de wereldwijde voedselproductie in handen krijgen. Een derde van de wereldbevolking is aangewezen op tarwe als basisingrediënt van het dieet. De Arabische Lente in 2011 toonde dat hoge voedselprijzen kunnen leiden tot grote instabiliteit en een vluchtelingencrisis.

Met het oog op de toekomst is het ook belangrijk om te kijken wat er onder de zwarte aarde zit. Oekraïne herbergt ook de grootste reserves aan zeldzame aardmineralen en metalen van Europa, zoals lithium, gallium en germanium. Ze zijn onmisbaar voor de klimaattransitie en het zou een mooie bijvangst zijn voor Poetin.

Wie nog meer wil weten over de geschiedenis van de graanschuur van Europa of alles nog eens rustig wil nalezen, kan terecht bij Maarten! online.

Poetins geschiedenisles

Het was op zijn zachtst gezegd een opmerkelijke toespraak waarin Vladimir Poetin op 21 februari 2022 zijn besluit om de zelfverklaarde Volksrepublieken Donetsk en Loehansk in het oosten van Oekraïne te erkennen uit de doeken deed. Miljoenen Russen kregen op primetime op de staatstelevisie een presidentiële geschiedenisles van een uur voorgeschoteld. En wat voor een!

Met nauwelijks verhulde boosheid ontkende Poetin op historische gronden het bestaansrecht van Oekraïne. Het was een uiterst selectief verhaal, waaruit veel was weggelaten. En voor een internationaal publiek was het ook een warrig verhaal, dat de vraag opriep of Poetin alles nog wel op een rijtje had.

Maar het tegendeel is waar. Poetins toespraak paste naadloos in het beeld van de Russische geschiedenis dat het Kremlin de afgelopen jaren heeft neergezet (en angstvallig bewaakt). Russische schoolboeken, musea en media schilderen het machtige Rusland af als een belegerde vesting, die zich in de afgelopen duizend jaar met hand en tand én met succes heeft verzet tegen pogingen om haar in te nemen. Het is een beeld dat trots en patriottisme moet aanwakkeren. En het is een beeld dat Poetins keuzes rechtvaardigt én bepaalt.

Bij Goedemorgen Nederland ging ik daar kort op in en bij VPRO OVT wat langer:

En ondertussen werk ik stug door aan de voltooiing van De macht van het verleden, dat niet alleen zal vertellen hoe Poetin de geschiedenis gebruikt als politiek wapen, maar ook laat zien dat hij helaas niet de enige is die heeft ingezien hoe machtig dat wapen kan zijn.

Ontwapeningsspijt

Na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie in 1991 was Oekraïne op papier na Rusland en de Verenigde Staten opeens de derde kernmacht ter wereld. Het land beschikte over ruim 4000 kernwapens: van kleine ‘tactische’ wapens – bommen en granaten – tot zware intercontinentale ballistische raketten. Maar Oekraïne gaf in 1994 dat hele arsenaal op.

Nu Rusland met oorlog dreigt, klinken er in de Oekraïense samenleving geluiden van spijt. Ontwapeningsspijt. Het kernwapenarsenaal had Poetin vast en zeker weerhouden van de annexatie van de Krim, zijn bemoeienis met de strijd in Oost-Oekraïne en mogelijke nieuwe drieste avonturen, zo is de gedachte.

In 1994 was de Oekraïense regering ervan overtuigd een goede deal te hebben gesloten. In ruil voor het overdragen van het kernwapenarsenaal uit de Sovjettijd aan buurland Rusland kreeg Oekraïne niet alleen financiële compensatie, maar met het zogeheten Boedapest Memorandum van de Russen, Amerikanen en Britten ook de verzekering dat zij de onafhankelijkheid en de grenzen van het land zouden respecteren.

Maar in 2014 negeerde Poetin het memorandum simpelweg. Hebben de Oekraïeners nu terecht spijt? En was hun positie echt anders geweest als ze vast hadden gehouden aan het kernwapenarsenaal? Bij VPRO’s geschiedenisprogramma OVT op NPO Radio 1 gaf ik antwoord op die vragen:

Wie meer wil weten over de langere voorgeschiedenis kan ook luisteren naar het OVT-item over het tragische lot van ‘de ultieme bufferstaat’ of in de boekhandel op zoek gaan naar De rafelranden van Europa. Ook handig voor een inkijkje in de drijfveren van Vladimir Poetin.

Rafelrand of bufferstaat?

‘Je begrijpt toch, George, dat Oekraïne niet eens een staat is?’ Dat zei de Russische president Vladimir Poetin in april 2008 tegen zijn toenmalige Amerikaanse ambtsgenoot George Bush in de wandelgangen van een NAVO-top in Boekarest waar hij te gast was. Afgelopen zomer zette de Russische amateurhistoricus in een lang essay nog eens uiteen hoe het volgens hem dan wel zit: Russen en Oekraïners vormen één volk.

Er zijn grote kanttekeningen te maken bij Poetins visie op de geschiedenis van Oekraïne. Feit is wel dat het al eeuwen een ‘grensland’ vormt tussen grotere rijken en dat er talloze oorlogen zijn uitgevochten. Als gevolg daarvan lopen er verschillende scheidslijnen door het land, zoals bijvoorbeeld bovenstaande etnografische kaart uit 1945 laat zien. Maar ondanks alles is Oekraïne sinds 1991 een internationaal erkende onafhankelijke staat.

En Bush? Die verwelkomde in 2008 met de andere NAVO-lidstaten de lidmaatschapsaspiraties van Oekraïne en Georgië. Beide landen kregen vervolgens het Russische leger op bezoek. En nu is de spanning op de grens tussen Oekraïne en Rusland weer om te snijden. Ik was opnieuw te gast bij VPRO’s OVT om te vertellen over de ingewikkelde geschiedenis van ‘het ultieme bufferland’:

Wie nog meer wil weten over Poetins drijfveren kan terecht in De rafelranden van Europa. En wie meer wil weten over zijn werk als amateurhistoricus moet nog even wachten tot later dit jaar De macht van het verleden – Geschiedenis als politiek wapen verschijnt.

Suezcrisis 1956

In de Egyptische havenstad Port Said aan de monding van het Suezkanaal staat een merkwaardig gedenkteken. Een leeg voetstuk met daarop de naam van Ferdinand de Lesseps. Tot kerstavond 1956 prijkte een fiere beeltenis van de geestelijk bedenker van het Suezkanaal op de sokkel, maar toen klonk een explosie en tuimelde het beeld van de bedenker in ‘zijn’ kanaal onder luid gejuich van samengedromde Egyptenaren.

Het was de perfecte illustratie van het einde van de Europese heerschappij over het Midden-Oosten. Eerder dat jaar hadden de Britten en de Fransen samengespannen met de Israëliërs in een poging het door de Egyptische president Nasser genationaliseerde Suezkanaal te veroveren en meteen ook maar ‘de Mussolini van het Midden-Oosten’ uit het zadel te wippen. Ze werden teruggefloten door de Amerikaanse president Eisenhower. De Suezcrisis kostte Engeland en Frankrijk hun gekoesterde status als grootmacht.

Lees alles over Europa’s vernedering in de Suezcrisis in Historisch Nieuwsblad en ontdek ook het historische fundament voor de huidige onmin over het AUKUS-bondgenootschap. Vanaf 1956 hebben de Britten nooit meer iets ondernomen zonder steun of op z’n minst goedkeuring van de Amerikanen. De Fransen concludeerden dat ze politiek en militair onafhankelijk moesten zijn én richtten zich op Europese samenwerking. Het zijn reflexen die je ook nu nog kan waarnemen.

Vergeten grootmachten

Gustaaf II Adolf in de Slag bij Breitenfeld door Johann Jakob Walter (Musée Historique de Strasbourg)

Het vreedzame Zweden is niet het eerste land waar mensen aan denken bij het woord ‘grootmacht’. Toch was het in de 17e eeuw een geduchte speler op het Europese toneel en beleefde het een Gouden Eeuw. In het decembernummer van Geschiedenis Magazine dat nu in de winkel ligt, vertel ik meer over die glorieuze Stormaktstiden, de Tijd van de Grote Macht, die begon bij de troonsbestijging van Gustaaf II Adolf in 1611 en eindigde met de dood van diens achterneef Karel XII op het slagveld in 1718.

Het artikel over Zweden is de laatste in een reeks Vergeten Gouden Eeuwen, waarin eerder ook het Pools-Litouwse Gemenebest (1569-1795), het Koninkrijk Hongarije (1458-1490) en – in een artikel van de hand van Ruud Stevens – het Koninkrijk Portugal (1415-1580) aan de orde zijn gekomen.

Derde Spaanse griepgolf

Dik anderhalf jaar na de eerste besmettingsgevallen in Nederland spoelt een vierde golf van coronabesmettingen over het land. Het kabinet ziet zich genoodzaakt om opnieuw maatregelen te nemen om het aantal besmettingen terug te dringen en ervoor te zorgen dat de zorg niet overbelast raakt.

Als historicus kijkende naar maatregelen zijn er grote overeenkomsten te zien met de bestrijding van de Spaanse griep die tussen 1918 en 1920 in drie golven door Nederland raasde en talloze dodelijke slachtoffers eiste. Hygiëne, frisse lucht en ‘het vermijden van volksophoopingen’ waren ook toen de basismaatregelen .

Samen met Dave Datema van De Dag van Toen, een website die in het teken staat van de geschiedenis van Zuid-Holland, dook ik nog eens in de geschiedenis van de Spaanse griep in Nederland om een fraaie podcast op te nemen:

Wie liever leest, kan terecht bij artikelen die ik eerder schreef over de Spaanse griep voor Historisch Nieuwsblad en Clingendael Spectator.

Een schriftje uit een vergane jas

Hongaren zijn trots op hun culturele helden. Dus ook op Miklós Radnóti (1909-1944), misschien wel een van de allergrootste dichters van Hongarije. Tenminste, zo wordt hij nu gezien. Hongaarse kinderen leren zijn gedichten uit hun hoofd en iedere Hongaar heeft wel een favoriet gedicht. Radnóti is overal.

Maar toen Radnóti nog leefde, was het heel anders. Vanwege zijn Joodse wortels werd hij buitengesloten en vervolgd. Hij eindigde in 1944 in een massagraf. Daar werd een paar jaar later een schriftje vol gedichten van zijn hand gevonden in een vergane jas. Daarna werd Radnóti in Hongarije op handen gedragen.

Het schriftje uit Bor is voor het eerst vertaald in het Nederlands. Daarom maakte Marian van der Pluijm voor OVT’s Het Spoor Terug een radiodocumentaire over Radnóti en hoe de Hongaren hem behandel(d)en. Zelf leverde ik ook een bescheiden bijdrage door te vertellen over Hongarije tijdens het leven van Radnóti in het interbellum. Wie daar nog meer over wil weten, kan terecht in De spoken van Visegrád.

Dayton onder druk

De spanningen in Bosnië en Herzegovina lopen op nu de Bosnisch-Servische politie onaangekondigde oefeningen houdt in de buurt van Sarajevo. Ondertussen zaagt de Bosnisch-Servische leider Milorad Dodik met afscheidingsretoriek aan de poten van de Hoge Vertegenwoordiger, die sinds de Dayton-akkoorden toezicht houdt op de situatie in het land. Volgens de onlangs aangetreden nieuwe Hoge Vertegenwoordiger Christian Schmidt dreigt Bosnië uit elkaar te vallen en is zelfs de kans op een nieuw conflict reëel. Hij spreekt van ‘de grootste existentiële dreiging sinds de burgeroorlog.

De Dayton-akkoorden vormen sinds 1995 het fundament voor de nu wankelende vrede in Bosnië en Herzegovina. De Verenigde Staten kregen toen voor elkaar wat de Europese Unie niet lukte: vrede sluiten in Bosnië en Herzegovina en een einde maken aan de allesverzengende burgeroorlog. In Historisch Nieuwsblad legde ik eerder uit hoe moeizaam dat proces verliep en waarom de constructie zo wankel is.